De landbouw krijgt 250.000,- euro van de provincie Fryslân voor het project Zoet op Zout Lauwersmeergebied. Hierin wordt onderzocht hoe boeren in de noordelijke kleischil hun bedrijfsvoering op peil kunnen houden, rekening houdend met de verzilting. Het definitieve besluit over de bijdrage neemt de provincie nádat het Waddenfonds een besluit heeft genomen over haar bijdrage.

Verzilting
Bij verzilting neemt het zoutgehalte van grondwater en bodem geleidelijk toe. In de noordelijke kleischil komt dat door een combinatie van de zeespiegelstijging en door toename van zoute kwel in de ondergrond. In het project wordt bekeken wat de gevolgen zijn voor de bodem, de vruchtwisseling en de concrete opbrengsten. Door het toepassen van slimme technieken wordt nagegaan hoe de invloed van zout grondwater zo klein mogelijk kan zijn. Gedeputeerde Avine Fokkens is blij met dit initiatief vanuit de landbouw: “De verziltingsproblematiek neemt toe in Fryslân. De landbouwsector komt met innovatieve oplossingen. Zoet op Zout is daar een goed voorbeeld van en daar dragen wij als provincie graag aan bij.”

Inspelen op klimaatverandering
Het beoogde resultaat van Zoet op Zout Lauwersmeergebied is dat de landbouw in de kleischil, langs de waddenkust, betere technieken en vaardigheden in handen krijgt. Hiermee kan zij inspelen op de veranderingen van ons klimaat en de gestaag toenemende verzilting. Het project start dit jaar en zal zo’n drie jaar duren. Daarna zal de opgedane kennis en ervaring verder uitgerold worden over de Fries-Groningse kleischil.

Investeringskader Wadden
In het najaar van 2016 hebben de provincies Noord-Holland, Fryslân en Groningen het Investeringskader Wadden (IKW) 2016-2026 vastgesteld. Met het IKW zetten de waddenprovincies zich in om meerjarige programma’s en projecten te realiseren. Zoet op Zout Lauwersmeergebied is één van deze projecten en kost in totaal € 3,6 miljoen. In het project werken onder meer landbouworganisaties en waterschappen samen.